cappuccino
Klokslag kwart voor elf
precies verscheen zij, iedere ochtend.
Keek dan even het terras
rond en nam daarna plaats.
Altijd aan hetzelfde
tafeltje.
Altijd op dezelfde stoel.
Ze had deze plek met zorg
uitgekozen.
Ten eerste: de ligging
van het terras.
Van de vijf naast elkaar
gelegen terrassen was dit het terras dat het meest gepasseerd werd.
Dat kwam door de ligging
op de hoek van de boulevard en de toegangsweg daar loodrecht op.
Ten tweede: het tafeltje
was zo gesitueerd dat het in het oog viel voor zowel passanten van de boulevard, als van de
toegangsweg.
Ten derde: Eva had de
stoel gekozen, die het beste uitzicht bood
op de hele omgeving.
Eva zette haar Gucci handtas
met een elegant gebaar op de stoel naast zich.
De show was begonnen.
Zij opende haar handtas
en nam er een gouden sigarettenkoker en een gouden Dun Hill aansteker uit.
Nadat zij de koker
geopend had, pakte zij er een dure Egyptische sigaret uit.
Weer zocht zij even in
haar tas tot zij haar gouden sigarettenpijpje gevonden had.
Met een omzichtig gebaar
schoof zij de sigaret in het pijpje en bleef zo enkele seconden zitten,
vaag voor zich uitkijkend.
De ober kwam aangesneld
om haar een vuurtje te geven.
Eva bracht het pijpje
tussen haar rood gestifte lippen.
“Goedemorgen, mevrouw”,
heette hij haar welkom.
“Dank
je, dag lieverd”, beantwoordde Eva de
groet, “is Robèrt er niet vandaag?”
Eva nam het pijpje uit
haar mond en blies een wolkje rook uit.
Met haar andere hand
hield zij een fractie van een seconde de arm van de ober tegen.
“Die heeft zijn vrije
dag, mevrouw”.
Zijn stem had de
ondertoon van enige verbazing in zich.
“Ach”, was haar enige
reactie.
Eva keek nu opzij en nam
de ober van onder tot boven op.
Die bleef staan, blad in
de hand en servet over zijn arm.
Het gezicht van Eva was
verborgen achter een zware zonnebril met donkerbruin montuur.
Op de zijkant stond in
duidelijke blokletters ‘Vogue’.
De bril maakte de indruk
ieder moment over het kleine neusje en de rode lippen te kunnen vallen, wanneer deze de
zwaartekracht niet meer zou kunnen weerstaan.
De ober zag zichzelf
dubbel weerspiegeld in de glazen van de zonnebril, hetgeen zijn
onzekerheid deed toenemen.
“En hoe heet jij?”, vroeg
Eva met een vleugje glimlach om haar lippen.
“Frank, mevrouw”,
antwoordde hij timide.
Eva nam het zware
bouwwerk van haar neus, waardoor haar lichtblauwe ogen zichtbaar werden.
Het contrast was groot,
te groot.
“Zo… Frank, leuke
naam…
Frank, je mag wel Eva zeggen, Frank ”, zei ze, haar stem
dempend tot een zwoel gefluister.
“Mag ik de kaart”,
vervolgde zij plotseling op hardere toon, terwijl ze haar blik richtte op
de
horizon van de zee.
Zonder haar hoofd te
draaien, stak zij haar rechter hand uit.
Aan haar ringvinger
schitterde een witgouden ring, die was afgezet met briljanten.
De rode glanzende nagels wezen
als pijlen naar de kostbare ring.
Het zonlicht weerkaatste
in duizendvoud en de briljanten leken rond te bazuinen:
“Hallo, hier zijn we, zien jullie ons wel?”
“Natuurlijk, mevrouw
Eva”.
De ober pakte de kaart,
die vlak voor Eva op de tafel gelegen was en vouwde deze open.
Eva bestudeerde met een
bedenkelijk gezicht de kaart en zij na enige tijd: “Een
cappuccino graag, Frank”.
“Komt er aan, mevrouw
Eva”, waarop de ober zich omdraaide en uit het zicht verdween.
Tot zover was alles
verlopen, zoals het iedere dag verliep.
Er was niets nieuws onder
de zon.
Iedere morgen speelde
zich dezelfde scène af.
Iedere morgen, dezelfde
tijd, dezelfde stoel, iedere morgen cappuccino.
Eva keek eens om zich
heen.
De hemel was strak blauw
en de zee haalde ruisend adem.
Drie mannen naderden het
terras.
Eén van de drie stootte
zijn vrienden aan en zei: “Moet je daar eens
kijken!”
“Zo, zo….”,
siste zijn
collega.
Eva zat met haar
rechter over haar linker been geslagen en bewoog zachtjes haar voet.
De elegante zwarte
lakschoen met stilettohak leek te wenken naar de drie voorbijgangers.
Toen zij vlak voor haar
waren sloeg zij haar rechter been over haar linker been.
Haar toch al korte rokje
schoof nog wat verder naar boven en Eva gunde de drie mannen een brede blik op haar dijen.
Deze beweging had Eva
eindeloos thuis voor de kleedspiegel geoefend.
Zij had de keukenstoel
voor de spiegel geplaatst en geoefend en geoefend tot zij helemaal
tevreden was.
Met een plagend lachje
toonde zij haar witte tanden, gooide haar hoofd naar achter en schudde
haar lange blonde haren.
“Zo’n mooie vrouw, alleen
op stap?”, vroeg één van de drie.
“Ja schat, kom je mij
gezelschap houden?”, antwoordde Eva verleidelijk.
...........................................................
Hoe dit verhaal verder gaat, kunt u lezen
in mijn boek.
terug
© copyright paul hammelburg 2008